De laatste zeven woorden

Palmzondag 5 april 2020

– CONCERT AFGELAST Op Palmzondag, 5 april 2020, staat Sept Chorals-Poèmes d’Orgue pour les sept paroles du Xrist van Charles Tournemire (1870-1939) op het programma. Tjeerd van der Ploeg voert dit magistrale werk dat de “laatste zeven worden” verwoorden uit op Palmzondag in de lijdenstijd.

Onderstaand wat Tjeerd heeft geschreven over dit werk.

Sept Chorals-Poèmes d’Orgue pour les sept paroles du Xrist opus 67
De zeven woorden van Christus aan het kruis zijn al diverse malen becomponeerd (Schütz, Haydn, Gounod, Dubois). Voorafgaand aan de compositie van de Sept Chorals-Poèmes pour les sept paroles du Xrist, op. 67, bracht Tournemire samen met zijn vrouw op 8 februari 1935 een bezoek aan de kathedraal van Beauvais. Geïnspireerd door dit bezoek begon hij meteen de volgende dag met componeren.

De titels van de afzonderlijke delen luiden:

Pater, dimite illis nesciunt enim quid faciunt
[Heer, vergeef het hun, want ze weten niet wat ze doen] Luc. 23:34
Hodie mecum eris in Paradiso
[Heden zult gij met mij in het paradijs zijn] Luc. 23:43
Mulier, ecce filius tuus Ecce mater tua
[Vrouw, zie, uw zoon… Zie, uw moeder] Joh. 19:27
Eli, Eli, Lamma sabacthani
[Mijn God, mijn God, waarom hebt Gij mij verlaten?] Marc. 15:34
Sitio
[Mij dorst!] Joh. 19:29
Pater, in manus tuas commendo spiritum meum
[Vader, in uw handen beveel Ik mijn Geest] Luc. 23:46
VII Consummatum est
[Het is volbracht!] Joh. 19:30
(vertaling bijbelcitaten NBG)
De volgorde waarin de delen werden gecomponeerd:
Choral-poème V voltooid 15 februari 1935
Choral-poème VI voltooid 22 februari 1935
Choral-poème VII voltooid 25 februari 1935
Choral-poème I voltooid 09 maart 1935
Choral-poème II voltooid 16 maart 1935
Choral-poème III voltooid 23 maart 1935
Choral-poème IV voltooid 29 maart 1935
Het werk werd in zijn geheel opgedragen aan Ernest Mitchell, organist van Grace Church te New York, aan wie reeds een dedicatie uit l’Orgue Mystique ten deel viel (no.30).

Dat Tournemire in de Sept Chorals-poèmes heeft gekozen voor het Choral is niet verwonderlijk. Het Choral wordt door hem beschouwd als de hoogste uitdrukkingsvorm van de orgelmuziek. Tournemire had bewondering voor het Duitse koraalwerk van o.a. Scheidt, Pachelbel, Buxtehude en Bach. Invloed van het gecoloreerde barok-koraal vinden we bij hem een enkele keer in l’Orgue Mystique. (bijvoorbeeld Choral IV uit Dominica XIII post Pentecosten, (39:5)). Wanneer de vrijgevonden Choral-melodie wordt verbonden aan een andere vorm, de Beethoveniaanse variatievorm, dan levert dat iets nieuws op: `Une nouvelle création glorieuse venait de naître’ [een nieuwe roemrijke schepping is zojuist geboren]. Het grote voorbeeld was natuurlijk César Franck. In diens Trois Chorals wordt het vrijgevonden Choral-thema in allerlei variatietechnieken uitgewerkt.

Het thema dat meteen aan het begin van deel V, Sitio wordt geëxposeerd, vormt de rode draad in het gehele werk. De vormen die Tournemire binnen deze Chorals-Poèmes toepast zijn: variatievorm (deel II en V), canon (deel III), fuga (deel VI), de vrije ontwikkeling (deel I), het ostinato (deel VII) en de passacaglia (deel IV).

Het werk werd in 1937 in zeven losse delen uitgegeven door Editions Max Eschig.

Tijdens de eerste uitvoering in de Ste.Clotilde door de componist op 6 juni 1935 waren er naar verluidt slechts 37 toehoorders aanwezig.

Messiaen schrijft in een artikel over dit werk: Ces sept pièces sont l’expression directe d’une puissante originalité mise au service d’une foi profonde’. [Deze zeven stukken zijn de directe uiting van een krachtige originaliteit ten dienste gesteld vanuit een diep geloof].

Tjeerd van der Ploeg (c) 2005